THE BEATLES IN RISHIKESH

 

 

 

 

 

 

“Tegen 1968 raakten we stilaan uitgeput, geestelijk dan,” meent Paul McCartney: “We waren The Beatles en dat was fantastisch. We hadden geprobeerd om met onze voeten op de grond te blijven en dat was ons redelijk aardig gelukt. Maar toch besloop ons zo een gevoel van: al die roem en al dat geld, wat stelt het allemaal voor?”

“Het werd voor ons allemaal even tijd om er tussen uit te knijpen,” meent ook Cynthia, de vrouw van John Lennon: “die hectische jaren hadden hun tol geëist.”

“We probeerden van alles uit,” gaat Paul verder: “En omdat George geïnteresseerd was in Indische muziek, was het een kleine stap om te vragen: hoe zit dat met dat meditatie gedoe? Komen ze echt van de grond los? Kunnen ze vliegen? Kan zo een slangenbezweerder echt aan zo een touw omhoogklimmen? Het was een soort onderzoeken. Toen we de Maharishi hadden ontmoet, dachten we: vooruit, we gaan naar Rishikesh.”

 

Rishikesh is een stad aan de voet van het Himalaya gebergte in het noorden van Indië. Het gebied is prachtig gelegen op de plaats waar de Ganges uit het gebergte de vlakte in stroomt. Midden in de bossen ligt daar de ashram van de Maharishi Mahesh Yogi. De ashram is een soort klooster of leefgemeenschap voor aanhangers van een religie. De Maharishi promoot er de Transcendente Meditatie (TM).  Dat is een eenvoudige geestelijke techniek die men twee keer per dag beoefent gedurende 15 tot 20 minuten. Door het mediteren vergeet men even alle problemen, neemt de stress weg en versterkt de gezondheid.

 

Elk jaar organiseerde de Maharishi in de ashram een cursus voor Westerlingen, om hen op te leiden om instructeur te worden in de TM.

 

The Beatles en hun vrouwen arriveren er half februari. Eerst komen John en Cynthia met George en Patti. Twee dagen later volgen Paul en Jane, met Ringo en Maureen. Natuurlijk is trouwe helper en manusje van alles, Mal Evans al voorop gestuurd om alles in orde te maken.

 

In de  Academy of Transendental Meditation verblijven de studenten in stenen gebouwen, met telkens een zestal kamers. Elke kamer heeft twee bedden en een moderne badkamer (hoewel het water niet altijd doorkomt). Iedere student betaald er $350 per dag. De meeste studenten zijn vooral Amerikaanse dames van middelbare leeftijd. Toch zijn er nog enkele andere beroemdheden deze keer: de Schotse folkzanger Donovan met zijn manager Gypsy Dave, Mike Love, de zanger van de Beach Boys, de Amerikaanse actrice Mia Farrow met haar broer John en zus Prudence…

 

Omdat de Beatles drie weken achterlopen op de andere studenten, geeft de Maharishi hen extra lessen, in de namiddag. Een les duurt in principe 90 minuten met vraag en antwoord, gevolgd door meditatie. Vooral John en George gaan er helemaal in op. Vooral John hoopt “het antwoord” te vinden. Volgens Mia Farrow bekeek hij de Maharishi als een soort tovenaar.

In de Anthology reeks, vertelt Paul daarover nog een mooie anekdote: “De Maharishi moest een keer naar New Delhi. Hij liet een helikopter naar het kamp komen. Die landde vlakbij, aan de oever van de rivier. We gingen er allemaal naar toe, in onze kaftans. Toen zei iemand: ‘Een iemand kan even mee met de Maharishi voor een vluchtje. Wie is kandidaat?’ Natuurlijk zorgde John dat hij het was. Achteraf vroeg ik hem waarom hij er zo op gebrand was. ‘Ik dacht dat hij mij “het antwoord” zou geven,’  zei hij. Typisch John!”

 

Met veel vrije tijd en weinig om handen wordt er veel gemusiceerd in het kamp. John en Paul hebben hun akoestische Martin D-28 gitaren meegenomen. George heeft een sitar en tamboura besteld en voor Ringo is er een tabla (een soort Indische  djembe).

 

John is erg geïnteresseerd in de finger-picking stijl van Donovan. “Ik legde hem uit dat ik minstens drie dagen nodig had om hem de basis aan te leren. Het is ene moeilijke stijl, waarvoor je doorzettingsvermogen nodig hebt. John leerde snel.

Toen hij het onder de knie had, was hij blij om een heel nieuwe manier van songschrijven ter beschikking te hebben. Het eerste nummer dat hij schreef was een aangrijpend nummer over zijn moeder: ‘Julia’. Ik hielp hem een beetkje met de tekst, omdat ik goed kinderliedjes kan schrijven. Korte tijd later schreef hij ook ‘Dear Prudence’ en misschien ook ‘Crippled Inside’.
Paul was niet geïnteresseerd om het te leren, maar hij pikte wel wat op, door toe te kijken terwijl ik het John aanleerde. Misschien komt ‘Blackbird’ daar uit voort… George hield het bij zijn op Chet Atkins geïnspireerde stijl. Hij was trouwens meer begaan met zijn sitar, in die tijd.”

 

‘Dear Prudence’ gaat over het jongere zusje van Mia Farrow. Die wou zo veel mogelijk mediteren en sloot zich daarom op in haar kamer. Ze kwam er zelfs niet uit voor de gemeenschappelijke maaltijden. Om haar naar buiten te lokken gaan John, Paul en George voor haar venster ‘Ob-La-Di, Ob-La-Da’ zingen.

Zij reageert er echter niet op. Daarom schrijft John een nummer speciaal voor haar: “Dear Prudence, won’t you come out to play?”

 

Na elf dagen vliegen Ringo en Maureen terug naar huis. Ze  missen hun kinderen en zijn het ook gewoon beu: de routine, de vliegen, de spinnen en schorpioenen, het vreemde eten….

“Ik vond er niks aan,” verklaart Ringo achteraf. “Het voedsel was een probleem voor mij, omdat ik allergisch ben aan zoveel dingen. Ik had twee valiezen mee: eentje met kleren en eentje met bonen in tomatensaus.”

De Maharishi ziet in de aanwezigheid van The Beatles een prima gelegenheid om wat reclame te maken voor zijn leer. Hij wil een filmploeg laten komen om een documentaire film te draaien.

Wanneer Dennis O’Dell, hoofd van de afdeling films van Apple dat hoort, vliegt die onmiddellijk naar Indië om er een stokje voor te steken. Ook Neil Aspinall, de raodmanager van de band gaat mee om er The Beatles op te wijzen dat ze problemen gaan krijgen met United Artists. Ze hebben een contract voor drie films met die maatschappij, terwijl ze er nog maar twee hebben gedraaid: Help! en A Hard Day’s Night.”

In dat verband wil Dennis ook een ander filmproject met hen bespreken: het idee om de boeken van J.R.R.Tolkien, The Lord of the Rings te verfilmen met The Beatles in de hoofdrollen.

Ze reageren enthousiast op het idee en beginnen prompt de rollen te verdelen. John vertelde aan Denis dat hij wel een dubbel-LP kohn schrijven over dat boek.

 

Twee weken na Ringo en Maureen zijn ook Paul en Jane het moe in Indië. Ze keren, samen met Neil en Dennis terug op 26 maart. “Ik had het, van te voren, een maand gegeven. Toen ik merkte dat niemand echt “het licht had gezeien” na een maand, vond ik het welletjes. Ik dacht: mediteren kan ik overal. Dat is het leuke ervan: je hoeft niet naar een kerk er voor.

 

George is wat boos dat Paul weg gaat. Hij gaat er helemaal in op. “Ik herinner me dat ik iets zei over de volgende plaat en hij reageerde met: ‘ We zijn hier niet om over muziek te praten. We zijn hier om te mediteren’. Ik dacht;: kalm aan, jongen.”

 

Enkele dagen later arriveert Joe Massot. Massot was betrokken bij de film Wonderwall Music, waarvoor George de muziek had geschreven. Hij was door George aanbevolen bij de Maharishi voor het draaien van de documentaire. 

“Tegen dat wij aankwamen waren John en George de enige overgebleven Beatles,” weet Joe Massot. John zat op het platte dak, melodeon te spelen. Hij toonde me mijn kamer. Toen hij mijn draagbare cassettespeler zag vroeg hij wat voor muziek ik bij had. Ik zei dat ik ‘(Sittin’ On) The Dock Of the Bay’ bij had, het laatste singeltje van Otis Redding – dat was pas uit – en ook wat hash. John fluisterde dat drugs niet toegelaten waren in het kamp en dat ik het tegen niemand mocht vertellen. En zeker niet tegen George.

Die avond rookten we het spul op met ons tweetjes en we luisterden zeker twintig keer na elkaar naar ‘Dock Of the Bay’.”

Massot merkt al snel dat hij er niets kan uitrichten. “De filmploeg kwam nooit opdagen.”

 

Nu Paul en Ringo naar huis zijn, verveelt John zich. George gaat immers helemaal op in de zaak. Daarom laat hij Magic Alex overkomen. Dat is een Griekse vriend, die allerhande elektronische dingen uitvindt. Hij brengt speelkaarten, sigaretten en wijn mee om de zaak wat op te vrolijken.
Maar Alex vindt er zijn draai niet. Het is er heet en vochtig, en hij bestempelt de cursisten als “mentaal gestoorde, oude Zweedse dames… en een stelletje mooie meisjes met een hoek af.” Hij wil zo snel mogelijk terug weg, en als het effen kan, niet alleen.

 

Hij maakt er kennis met een jonge Amerikaanse, die ook naar huis wil, maar dat nog niet kan met haar vliegtuigticket. Zij vertelt hem dat de Maharishi haar kip heeft gegeven – het eten is daar strikt vegetarisch – en dat hij daarna zelfs avances wou maken.

 

Hij haast zich om dat tegen John en George te vertellen. Alleen doet hij net alsof hij heeft gezien hoe de Maharishi pogingen ondernomen heeft om een van de meisjes te verleiden. “Toen George begon te geloven dat het waar is, was het voor mij duidelijk dat er iets van aan was,” verklaart John achteraf.

Na een hele nacht discussiëren besluiten ze de Maharishi zelf met de zaak te confronteren.

“Dus trokken we allemaal samen naar de Maharishi. En, natuurlijk, wanneer er een vuil werkje moet worden opgeknapt mag ik dat doen,” vertelt John “Ik zei tegen hem: wij gaan weg’. En hij vroeg: ‘waarom?’ en zo van die zever en ik zei: ‘Wel, als je dan toch zo kosmisch bent dan zul je dat wel weten.’

En hij keek mij vies aan, zo van: ‘Ik maak u kapot, rotzak.’

Toen begreep ik dat ik hem uitgedaagd had en dat ik hem te hard had aangepakt.”

 

Jaren later geeft George zijn versie van wat er is gebeurd: “De cursus bestond uit twee delen: eerst de lessen in de ashram en dan gingen ze verder naar Kashmir. Zo ging het ieder jaar. Maar ik was van plan om alleen het gedeelte in Rishikesh te doen en daarna naar het zuiden te reizen om er wat filmopnamen te gaan maken met [de Indische sitarspeler] Ravi Shankar. Dus had ik tegen de Maharishi gezegd dat ik niet meeging naar Kashmir – ik was daar het vorige jaar al geweest.’ Maar hij wou dat we meegingen. En toen hebben we hem gezegd dat we weg gingen. John wou sowieso weg. Hij wou terug naar Yoko – dat wist ik toen niet – met wie hij pas een verhouding was begonnen.

En door dat idiote verhaaltje had hij een goede aanleiding om het af te bollen.”

 

Terwijl ze wachten om een taxi, begint John een nummer te schrijven: “Maharishi, what have you done? You made a fool of everyone”. Op aanraden van George verandert hij dat later in ‘Sexy Sadie’.

“Wij dachten dat met opzet de taxi tegen hielden,” vertelt John: “We dachten: we raken hier nooit meer weg. En die gekker Griek die bij ons was, was helemaal paranoïde. Die bleef maar roepen: ‘Het is zwarte magie! Ze gaan ons hier houden.”‘

 

Op 15 apail vliegen John en Cynthia terug naar Londen, terwijl George en Patti verder reizen naar Madras, waar ze nog een paar weken zullen blijven.

 

Het Indische avontuur van The Beatles is voorbij.

 

Donovan krijgt het laatste woord: “We hadden hetzelfde probleem: we waren wereldberoemd, maar eigenlijk waren we nog steeds kunststudenten. In Indië kregen we de kans om nog eens voluit kunstsudenten te zijn. We hingen wat rond, met onze akoestische gitaren. John tekende wat, we mediteerden… Er was geen pers, geen media, geen tournees, geen druk, geen roem. Ik leerde wat bij en hun manier van songs schrijven veranderde evenveel als de mijne. We speelden urenlang en veel daarvan kwam terecht op de Witte Dubbel-LP. Ik ben erg trotst dat ik  wat invloed het gehad op de Witte Dubbel-LP van the Beatles.”

 

 

 

 

 

 

 

Sexy Sadie

 

 

 

Dear Prudence

Advertenties