Eric, Bonnie, Delaney, George

Eric, Bonnie, Delaney, George

 

Onlangs overleed Delaney Bramlett op 69 jarige leeftijd. Voor vele muziekfans zal hij een illustere onbekende zijn, maar voor diegenen die vertrouwd zijn met de fijnere details van de Beatleshistorie nam hij toch wel een bijzondere plaats in. Delaney was er namelijk verantwoordelijk voor dat George Harrison tijdens zijn solo-carrirère zo prachtig slide gitaar is gaan spelen.

 

 

 

De Amerikaanse gitarist had al zowat van alles gedaan, voor hij beroepsmuzikant werd: van katoenplukken tot het leger. Hij verdiende al een tijdje bij als sessiemuzikant, maar na zijn huwelijk met de eerste blanke Ikette (backingzangeressen van Ike Turner), Bonnie O’Farell, begon hij een eigen groep: Delaney & Bonnie. Het weet een uitstekende groep muzikanten rond zich te verzamelen met drummers Jim Gordon en Jim Keltner, bassist Carl Radle, gitarist/organist Bobby Whitlock, de blazers Bobby Keys (sax) en Jim Price (trompet) en backing zangeres Rita Coolidge.

 

Wanneer de Harrison de groep in november 1968 ziet optreden in Los Angeles is hij diep onder de indruk. Hij stelt prompt voor om hun debuutplaat Accept No Substitute, die in de Verenigde Staten door Stax is uitgebracht, in Engeland bij Apple Records onder te brengen. Peter Asher, de man verantwoordelijk voor zulke zaken bij de platenmaatschappij van The Beatles wordt naar op missie gezonden. “Maar toen hij een auditie wou afnemen om hun te tekenen viel hij in slaap,” merkt George droogjes op. “Dus besloten ze met Atlantic Records in zee te gaan.”

 

Eens terug thuis laat hij de plaat horen aan zijn goede vriend Eric Clapton. Die is er meteen helemaal weg van en vraagt de groep als voorprogramma voor de Amerikaanse tournee van Blind Faith in juni 1969.

 

In november 1969 komt de hele bende overgevlogen voor een Britse tournee. Eric Clapton heeft hen uitgenodigd om in zijn huis in Surrey te komen logeren. Meteen na hun aankomst neemt Clapton de hele bende mee, naar een sessie van de zangeres Doris Troy. George Harrison treedt op als producer.

Zoals bij vele projecten waarin de Beatles betrokken zijn is de bezetting indrukwekkend: Ringo Starr en Alan White, Billy Preston, Leon Russell, Stephen Stills, Klaus Voormann, Jackie Lomax en een jonge Peter Frampton.

Bassist Klaus Voorman verteld: “Ik zat in de studio met George voor die Doris Troy LP. Ik had een nummer geschreven: ‘So Far’ toen plots de hele band binnen kwam gevallen. Ze gingen zitten en begonnen te spleen. Dat was onze eerste ontmoeting. Ze waren fantastisch. Ze waren echt blije mensen. Ze waren net van het vliegtuig gestapt en we vroegen: ‘Willen jullie niet naar bed?’ ‘Nee, we willen spelen’. Ze vielen om van de slaap, maar ze speelden geweldig.”

 

Het eerste Britse optreden van Delaney and Bonnie vindt plaats op 1 december 1969 in de Londense Royal Albert Hall. George en Ringo gaan samen met hun vrouwen kijken. Eric Clapton staat ook op het podium, gewoon als anonieme gitarist.

Achteraf gaat George de groep feliciteren in de kleedkamer. Daarbij vraagt hij aan Delaney of hij ook mee mag. Die heeft natuurlijk geen bezwaar. “Kom me morgen dan maar oppikken,” roept de Beatle nog.

 

Wanneer ze de volgende dag bij George langsrijden blijkt dat hij het meende.

“We reden naar zijn huis,” verteld Delaney ” en zijn materiaal stond al buiten. Hij was er klaar voor. Ik klopte op de deur en hij zei: ‘ik pak nog een paar spullen en we zijn weg.’ Ik denk dat [George’s vrouw] Patti het maar niks vond – dat George met een stelletje hillbillies op stap ging (lacht). Maar ze was vriendelijk genoeg. Hij zei alleen maar: ‘Ik ga op tournee. Ik weet niet hoe lang we weg zijn’.

Wat hij nog even was gaan halen was een cadeautje voor mij. Hij zei: ‘Ik heb hier iets dat ik je wil geven, omwille van gisterenavond.’ Hij gaf me een handgemaakte gitaar van Leo Fender, een Rosewood Telecaster. Een uniek exemplaar.“

 

Die avond speelt George in de Colston Hall in Briston, als één van de friends uit de begeleidingsgroep van Delaney & Bonnie. Hij is echter nauwelijks herkenbaar, met erg lang haar en baard, achteraan staande tussen de andere muzikanten. “Het was goed dat haast niemand wist dat ik er was,” meende George achteraf. “De mensen kwamen om Delaney and Bonnie te zien – sommigen wisten dat Eric Clapton mee speelde. Ik deed gewoon mee voor de lol. Ik bleef achteraan staan en hoefde niemand te zijn. Dat was echt fijn. Zelfs achteraan bij The Beatles stond ik altijd in de schijnwerpers. We konden ons niet verbergen achter een paar blazers.”

 

Het is een package tour, waarbij ze iedere avond twee shows spelen. De band staat daarbij telkens 40 minuten op het podium.

 

De volgende avond staan ze in de Town Hall in Birmingham. Het is daar dat George, met enige hulp van Delaney Bramlett en Dave Mason slide gitaar leert spelen. “Later vertelde hij dat ik hem geleerd heb om slide te spelen,” minimaliseert Delaney het gebeuren achteraf, “Hij heeft dat wel verklaard – maar ik heb hem niks geleerd. George kon al spelen, hij wou alleen mijn techniek kennen: wat ik er van kende en hoe ik dat deed. Ik leerde hem alleen mijn manier van spelen.”

 

Na afloop van het Britse luik trekken zowel George als Eric ook mee naar Scandinavië voor het vervolg van de tournee. Omdat Dave Mason niet mee kon naar Scandinavië springt George in voor de slidegitaarsolo voor ‘Coming Home’.

 

Rond een piano in een kleedkamer in Kopenhagen wordt ook de basis gelegd voor de grootse solohit uit de carrière van George Harrison.

“George vroeg me hoe je een gospelnummer schrijft,” verteld Billy Preston. “Dus toonde ik hem wat akkoorden. Delaney en Bonnie begonnen prompt te zingen: ‘Oh, my Lord, Hallelujah’. George pikte dat op en schreef de strofen.”

Het vormt de aanzet voor ‘My Sweet Lord’.

 

‘Coming Home’

Advertenties