maart 2012


"Is die van u ook zo weinig thuis?"

“Is die van u ook zo weinig thuis?

Advertenties

Omdat ze het zo mooi gevraagd hebben, heb ik voor DaMusic een stukje geschreven over de vijftigste verjaardag van Dylans debuutplaat.

 

 

Afbeelding

 

BICKERING BEATLES

In oktober 1969 dook het gerucht op dat Paul McCartney zou zijn overleden. Om de groep te kunnen verder zetten was hij vervangen door een look-a-like. Enkele Amerikaanse studenten hadden dat verhaal verzonnen. Als “bewijs” haalden ze allerlei aanwijzingen aan die The Beatles hadden verborgen op hun hoezen. Ook in de songs zelf ontdekten ze talrijke hints.

Onzin natuurlijk.

In een aantal songs hebben de songschrijvers van The Beatles wel degelijk boodschappen gestopt, maar die zijn gericht aan… hun mede-bandleden.

Een overzichtje.

NOT GUILTY

Auteur: George Harrison
Geschreven: mei 1968
Uitgebracht: oktober 1996 – Antholoy 3

Op de Witte Dubbelelpee van The Beatles staan vier nummers van George Harrison: eentje op elke plaatkant. De stille Beatle had echter nog een vijfde song opgenomen: ‘Not Guilty’. Die heeft de plaat niet gehaald en verschijnt pas officieel in de jaren negentig, op een van de Anthology cd’s.

“Not guilty of getting in your way while you’re trying to steal the day… I’m really sorry that you’re underfed… sorry that you’ve been misled.”

In 1980 geeft George in zijn boek I Me Mine tekst en uitleg bij elke song die hij heeft geschreven. Daarbij verklaart hij dat hij ‘Not Guilty’ schreef als reactie op de kritiek die Paul te verduren kreeg van de pers, nadat die had toegegeven LSD te hebben gebruikt.

Een rookgordijn, zo blijkt, want zeven jaar later geeft hij toe: “Tijdens de opnamen van de Witte Dubbel elpee, was ik behoorlijk pissig op Lennon en McCartney omwille van hun houding ten opzichte van mij. [In dat nummer] zei ik dat ik niet schuldig was, dat ik hun carrières niet in de weg stond. Dat ik hen niet op het verkeerde pad had gezet toen we allemaal naar Rishikesh gingen om er de Maharishi te zien.”

SAVOY TRUFFLE

Auteur: George Harrison
Geschreven: september 1968
Uitgebracht: november 1968 – The Beatles

De onvrede klinkt ook door in een ander nummer van George, ook uit de zomer van 1968. ‘Savoy Truffle’ haalt wel de plaat. In het nummer zingt hij: “We all know Ob-la-di-bla-da, but can you tell me where you are?” – een duidelijke verwijzing naar een nummer van Paul. Die zag zijn ‘Ob-la-di, Ob-la-da’ als een potentiële single voor de groep en werkte er hard aan. Dat werkte vooral John, die het nummer maar niks vond, op de zenuwen.

George lijkt te zeggen: allemaal goed en wel, maar ik heb geen boodschap aan songs over verzonnen figuren. Vertel me iets over jezelf!.

GLASS ONION

Auteur: John Lennon
Geschreven: mei 1968
Uitgebracht: november 1968 – The Beatles

Met ‘Glass Onion’ had John eerder ook al een song geschreven waarin hij verwijst naar andere Beatlessongs : ‘Strawberry Fields Forever’, ‘Lady Madonna’, ‘Fool On The Hill’…

De regel “Here’s another clue for you all : The walrus was Paul” verwijst natuurlijk naar ‘I Am The Walrus’.

In 1980 geeft John meer uitleg: “Die regel over ‘The walrus was Paul’ gooide ik er tussen om iedereen op een verkeerd been te zetten. Het had evengoed kunnen zijn de fox terrier is Paul. Ik bedoel: het is gewoon poëzie…. Ik voelde me wat schuldig omdat ik met Yoko was en ik Paul in de steek liet. Ik probeerde… weet ik veel. Het is een perverse manier om aan Paul te laten weten: hier heb je iets, een illusie…  want ik ga weg.”

ISN’T IT A PITY
ALL THINGS MUST PASS

Auteur: George Harrison
Geschreven: november 1968
Uitgebracht: november 1970 – All Things Must Pass

In november 1968 gaat George Harrison, Bob Dylan opzoeken in Woodstock. Hij musiceert er met The Band, krijgt een kopie van de dan nog onuitgegeven Basement Tapes in handen en schrijft een nummer met Dylan zelve. De prettige sfeer die daar heerst staat in schril contrast met de spanningen die er heersen binnen The Beatles. George beseft: dit kan zo niet lang meer duren. De gevoelens van spijt en berusting vereeuwigt hij in twee nummers: ‘Isn’t It A Pity’ en ‘All Things Must Pass’.

Maar wanneer hij de songs, in januari 1969, voorstelt aan zijn bandmaten, reageren die onverschillig. George weigert dan ook om een nummer bij te dragen aan het laatste optreden van de groep – het beroemde dakconcert.

Beide nummers nemen een belangrijke plaats in op zijn eerste echte solo-elpee All Things Must Pass, uitgebracht op 30 november 1970.

TWO OF US

Auteur: Paul McCartney
Geschreven: december 1968
Uitgebracht: mei 1970 – Let It Be

Terwijl George in Amerika verblijft, maakt Paul uitstapjes met de wagen. Zijn nieuwe vriendin, Linda Eastman, spoort hem daarbij aan om opzettelijk te proberen verloren te rijden. ‘Two of Us’ is geschreven tijdens zo’n uitstapje en bezingt het gevoel van verbondenheid.

Maar wanneer Paul en John het nummer samen zingen, in de stijl van The Everly Brothers, wordt het een nummer over de relatie van de beide mannen.

I ME MINE

Auteur: George Harrison
Geschreven: januari 1969
Uitgebracht: mei 1970 – Let It Be

Op 6 januari 1969, tijdens het werken aan ‘Two Of Us’ ontstaat er een discussie. Paul stelt vast dat de sessies niet van de grond komen. Ze verknoeien te veel tijd met jammen. Hij stelt voor dat ze eerst wat fragmentjes en solo’s uitwerken, om daarna de hele song aan te pakken. George vindt dat echter totaal nutteloos. Terwijl de beide mannen ruziën draaien de camera’s gewoon door.

De volgende dag schrijft George ‘I Me Mine’. Hierin verwijt hij John en Paul dat ze enkel met zichzelf bezig zijn. De twee negeren immers alle voorstellen voor de andere bandleden: zowel nieuwe songs als ideeën voor het geplande live-optreden worden terzijde geschoven.

Maar zodra George ‘I Me Mine’ voorstelt, komt John stekelig uit de hoek. Hij oppert dat de ideale begeleiding zou bestaan uit een accordeon en doedelzakken. In plaats van mee te repeteren pakt hij Yoko bij de arm en walst door de zaal. George heeft de boodschap begrepen en het nummer komt verder niet meer ter sprake tijdens de repetities.

Omdat het in de film Let It Be te zien is, willen The Beatles het ook op de elpee. Daarom komen Paul, George en Ringo op 3 januari 1970 eenmalig bij elkaar in de Abbey Road studio om er ‘I Me Mine’ op te nemen. John zit dan in Denemarken en laat weten geen zin te hebben om te komen.

WAH WAH

Auteur: George Harrison
Geschreven: januari 1969
Uitgebracht: november 1970 – All Things Must Pass

Nog zo’n song van George uit dezelfde periode – januari 1969.
John heeft zowat alle interesse in de band verloren. Hij heeft zo goed als geen nieuwe songs en kan, of wil, ook niets bijdragen aan de songs van zijn collega’s.

Op 10 januari heeft George er genoeg van. Tijdens de middagpauze verwijt hij John gebrek aan interesse. Die blijft apathisch. Wanneer Yoko opmerkt dat George zelf te veel nieuwe nummers heeft is de maat vol. De stille Beatle gooit zijn bord naar John en verlaat de zaal.

Even later komt hij terug om te zeggen dat hij uit de band stapt en dat ze een advertentie kunnen plaatsen om een vervanger te zoeken. “See you round the clubs!” 

In ‘Wah Wah’ laat hij duidelijk horen dat hij geprikkeld is: “Je bezorgt me hoofdpijn!”
Hij doet zelfs geen moeite meer om het nummer aan te bieden voor The Beatles. De song komt dan ook op terecht All Things Must Pass.

Op de hoes van die plaat staat George afgebeeld, gekleed als een tuinman, in zijn enorme tuin. Maar hij is niet alleen: rondom hem liggen vier stenen tuinkabouters, rustend of misschien wel uitgeput. Rara wie zouden die voorstellen?

Wanneer hem de vraag wordt gesteld, ter gelegenheid van de heruitgave in 2000, antwoordt George: “Toen we de foto maakten, had ik die oud-Duitse kabouters. Ik dacht: dat wordt dan John, Paul, George en Ringo.”

Afbeelding 

Het idee komt van fotograaf Barry Feinstein. In 2001 legt hij uit, in Mojo: “Ik koos die kabouters uit, omdat ik dacht dat het een mooi beeld zou opleveren.Ik vond dat het symbolisch was [voor The Beatles]. Ik weet niet meer of ik dat ook tegen George heb gezegd. Maar dat was mijn bedoeling. Wat zou het anders kunnen voorstellen? Het was gedaan was met The Beatles, he. En dan die titel: Aan alles komt een einde. Zeer symbolisch allemaal.”

CARRY THAT WEIGHT

Auteur: Paul McCartney
Geschreven: januari1969
Uitgebracht: september 1969 – Abbey Road

Ook ‘Carry That Weight’ vindt zijn oorsprong tijdens de Get Back sessies in januari 1969. Tijdens een van de eerste repetities speelt Paul het nummer voor.

In de song beschrijft Paul de tol van de roem. Hij heeft het over de beslommeringen met Apple en het zakelijk web waarin the Beatles zijn terechtgekomen. The Beatles leven onder een constante druk: elke plaat moet beter zijn dan de vorige. Na de split, zo voorspelt hij, zal dat niet anders worden: alles wat we achteraf alleen zullen doen, zal altijd gemeten worden met wat we samen hebben gedaan.

“Blijkbaar stond hij nogal onder druk in die tijd,” meent een laconieke John in 1980. In 1994 geeft Paul toe: “Meestal ben ik nogal positief ingesteld, maar soms wordt het mij teveel… zoals toen. ‘Carry that weight a long time’  – zoals voor altijd!”

GOD

Auteur: John Lennon
Geschreven: september 1970
Uitgebracht: december 1970 – John Lennon/Plastic Ono Band

Op zijn eerste solo-elpee, John Lennon/Plastic Ono Band, uit 1970, probeert John in het reine te komen met zijn verleden. Om verder te kunnen met zijn leven, moet hij een aantal dingen loslaten. In het nummer ‘God’ somt hij een aantal dingen op waarin hij niet langer gelooft. Zijn oude band, The Beatles, is daar één van.

De boodschap is duidelijk: “The dream is over” – een réunie zit er niet meer in. 

TOO MANY PEOPLE

Auteur: Paul McCartney
Geschreven: december 1970
Uitgebracht: mei 1971 – Ram

In december 1970 geeft John, ter promotie van zijn solo elpee een uitgebreid interview aan Jann Wenner, redacteur en uitgever van Rolling Stone. Daarbij vertelt Lennon buitengewoon openhartig, soms met een wrange bijsmaak, over The Beatles en zijn persoonlijke leven. Eigenlijk is het een afrekening. “Smeerlappen, dat waren The Beatles. Je moet een smeerlap zijn om het te maken – dat is een feit – en The Beatles waren de grootste smeerlappen op aarde!”

Het eerste deel van het interview verschijnt op 21 januari 1971. Vanzelfsprekend voelt Paul zich aangesproken. In december 1973 geeft hij toe: “Ik haatte dat (interview). Je kunt je wel inbeelden dat elke paragraaf, elke zin ontleedde. Is dat echt hoe hij over mij denkt?”

Paul is op dat moment aan het werk in de A&R Studio in New York, waar hij zijn Ram elpee opneemt. Hij reageert met een song. In 2001 verklaart hij: ‘‘Too Many People’ was een sneer naar John, omdat hij naar mij sneerde. We sneerden naar mekaar, in de pers. […] De eerste regel gaat over “too many people preaching practices”.” – een commentaar op de manier waarop John en Yoko zich profileerden als belangrijke politieke figuren. “Ik vond dat John en Yoko rondbazuinden wat iedereen moest doen,” gaat Paul verder. “En ik vond dat ik van hen geen les hoefde te krijgen. De teneur bij The Beatles was: ieder doet wat ie wil. Vrijheid. En opeens was het: “Je moet dit doen”, met het geheven vingertje.  En dat zinde me niet.”

Verdre waarschuwt Paul zijn vroegere compaan dat “Yoko his lucky break” – lees The Beatles – kapotgemaakt heeft. Gelukkig vervangt hij tijdig de naam van Mrs. Lennon in het neutralere “You”.

Hoewel Paul beweert dat het bij dat ene nummer bleef, meende John ook in andere songs boodschappen aan zijn adres te herkennen. Zo is hij vooral op zijn pik getrapt door een regel als “My dog he’s got three legs, and your dog, he’s got none”. Ook het nummer ‘Dear Boy’ dat eigenlijk gericht is aan Linda’s ex-man, vat hij op als een aanval. En in ‘Back Seat Of My Car’ roept Paul uit: “We believe that we can’t be wrong.”

“Eens je aan iets begint, gaat de bal aan het rollen,’ weet Paul. ‘(Op de hoes van Ram) stond een foto van Halloween waarbij we gekke maskers droegen. Ik ben Wimpey van Popeye en Linda was een ander figuurtje, dat er een beetje Oosters uitzag. We hoorden achteraf dat zij dachten dat het een sneer naar hun was, maar dat was echt niet de bedoeling.”

Wel zo bedoeld was zeker een andere foto op de hoes, waarop twee copulerende kevers staan. Die boodschap is duidelijk: de ene Beatle wordt gepakt door een andere.

 

 Afbeelding

HOW DO YOU SLEEP

Auteur: John Lennon
Geschreven: mei 1971
Uitgebracht: september 1971 – Imagine

Paul had het kunnen weten: John slaat terug… en hard!
Het begint al nog voor de eerste noot van zijn volgende plaat Imagine weerklinkt. In de hoes van de elpee zit een postkaart waarop John staat afgebeeld met een varken. Dat houdt hij op precies dezelfde wijze vast als Paul deed met een ram op de hoes van zijn gelijknamige elpee. 

Maar veel erger nog is de song ‘How Do You Sleep’. Het nummer is een harde rechtstreekse aanval op zijn vroeger partner, waarin hij hem verwijt dat Paul’s muziek klinkt muzak en dat hij omringd wordt door gatlikkers die hem als een koning behandelen.

Verder stelt hij: “The only thing you’ve done was yesterday, and since you’ve gone you’re just another day.” Een verwijzing naar zowel het bekendste nummer van Paul (‘Yesterday’) als zijn meest recente solosingle (’Another Day’). Het komt er op neer dat zijn beste werk achter hem ligt.

Oorspronkelijk was deze regel echter nog bijtender: “the only thing you did was ‘Yesterday’/you probably pinched that bitch anyway.’

Bijzonder pijnlijk is dat George Harrison ingehuurd is om gitaar te spelen bij de opnamen. In de film Imagine is te zien hoe hij schijnbaar onverstoorbaar doorspeelt, terwijl John de bijtende tekst over hun vroegere vriend inzingt.

Wanneer Paul achteraf hoort dat ook Yoko aan de tekst heeft bijgedragen, raakt hem dat nog meer. Zijn vroeger vriend kan hij vergeven, maar met Yoko komt het nooit meer echt goed.

Vlak voor zijn dood, neemt John heel wat gas terug. In een interview met Andy Peebles op 6 december 1980, vertelt hij: “Ik gebruikte mijn afkeer tegen Paul om een nummer te schrijven. Je moet het zien als rivaliteit tussen twee broers. Het was creatieve rivaliteit… Het was geen hatelijke afrekening. Ik voelde afkeer… en afkickingsverschijnselen voor Paul en The Beatles en gebruikte die gevoelens om ‘How Do You Sleep?’ te schrijven.

DEAR FRIEND

Auteur: Paul McCartney
Geschreven: maart 1971
Uitgebracht: december 1971 – Wild Life

In de biografie Many Years From Now, geschreven door Barry Miles blikt Paul terug: “Toen John kwam met ‘How Do You Sleep?’ wou ik niet belanden in een partijtje moddergooien. Voor een stuk was het gewoon uit lafheid. John was erg gevat en ik wou die ongelijke strijd niet aangaan. Maar dat hield in dat ik me op mijn kop moest latten zitten. Dat ik regels als ‘All you ever did was Yesterday’ over me heen moest laten gaan.

Ik merk dat ik steeds naar excusen zoek voor Johns gedrag, omdat ik hou van die man. Het is net als met een kind: natuurlijk is hij stout geweest, maar durf mijn kind niet stout te noemen. Zelfs als hij me pest, mag je hem nog niet stout noemen. Zo voelde ik het aan – en nog steeds.

Ik heb geen wrok tegenover John, niet in het minst. Ik denk dat hij precies wist wat hij deed en omdat we zo close waren wist hij goed waar hij me het best kon raken. En hij haalde er het maximum uit.

Ik dacht: ‘Niet reageren en dan gaat het vanzelf wel over’ En dat was ook zo, want in de film Imagine zegt John dat het eigenlijk over hemzelf ging.

Dus steekt Paul op zijn volgende elpee, Wild Life, een verzoenende hand uit naar John: ‘Dear Friend’, een song die hij overigens al heeft opgenomen tijdens het afmixen van de Ram opnamen.

EARLY 1970

Auteur: Richard Stakey
Geschreven: juni 1970
Uitgebracht: april 1971 – b-kant single

Ringo hebben we nog niet gehoord in dit verhaal. Hij krijgt het laatste woord. In april 1971 verschijnt zijn single ‘It Don’t Come Easy’. Op de b-kant staat een nummer over het uiteengaan van de groep: ‘Early 1970’. In een paar zinnen beschrijft hij waar zijn ex-bandleden nu mee bezig zijn. Elk krijgt een strofe: eerst Paul, dan John en tenslotte George. “Wanneer ze in de buurt zijn, wil altijd met hen spelen,” zo laat hij weten.

De boodschap komt aan, want op zijn Ringo elpee uit 1973 zijn de vier Beatles verenigd, zij het nergens samen op één nummer.