wildwood_flower_by_ava_art_ro

‘[‘Wildwood Flower’] is het populairste liedje dat we ooit hebben opgenomen. Zowat elke countrygroep heeft het op zijn repertoire staan.’ – Maybellene Carter, 1973

1860 – I’ll Twine ‘Mid The Ringlets

Voor de oorspronkelijke versie moeten we een heel stuk terug in de tijd: naar de periode van de Amerikaanse burgeroorlog: 1861 -1865.

Joseph Philbrick Webster (°1819) – J.P. voor de vrienden – is al heel jong gepassioneerd door muziek. Hij leert zichzelf viool, fluit en drums spelen. Na zijn studies aan de Boston Academy of Music trekt hij naar New York City waar hij een carrière begint las concertzanger. Daaraan komt echter een einde in 1948, door een zware bronchitis. Hij is dan nog geen 30 en heeft een vrouw en kinderen te onderhouden. Een aantal jaren is hij manager, pianoverkoper of leidt hij een zangschool. Maar de doorbraak komt er in 1857, wanneer zijn ‘Lorena’ een enorm succes wordt. Zijn compositie, op een tekst van dominee Henry D.L. Webster, is een van de populairste nummers tijdens de secessieoorlog, zowel in het noorden als in het zuiden. Het blijvend succes wordt misschien wel het best geïllustreerd door het gebruik van het nummer meer dan 80 jaar later, in de film Gone With The Wind.

J.P. gaat op zoek naar meer teksten. Na afloop van de oorlog opent hij een “respectable saloon”, in Elkhorn, Michigan. Op die manier hoopt hij literair aangelegde jonge mannen bijeen te brengen, die teksten kunnen aandragen. Het werkt: iemand komt met een gedicht van een zekere Maud Irving: ‘I’ll Twine Mid the Ringlets’. Over deze dame is weinig bekend. Alleen dat een ander gedicht van, ‘Mildred’ in november 1860 is gepubliceerd in het populaire damestijdschrift Godey’s Lady Book.

‘I’ll Twine Mid the Ringlets’ verhaalt over een Victoriaans meisje dat in de steek is gelaten door haar geliefde. Dapper probeert ze haar verdriet te verbergen door een lachend gezicht op te zetten en wilde bloemen te vlechten door haar krullend haar.

Zowat een deccenium lang publiceert Webster maandelijks minstens één tekst. Een laatste groot succes komt er in 1968 met de religieuze hymne ‘In The Sweet By and By’, op tekst van Sanford Fillmore Bennett.
Maar drie jaar later slaat het noodlot opnieuw toe: tijdens de grote brand van Chicago in 1871 gaan veel van zijn mauscripten en bezittingen verloren. Daarmee zijn ook de bewijzen verdwenen van zijn rechten, waardoor hij geen inkomsten meer krijgt van de bladmuziek. Zijn gezondheid en gemoedstoestand gaat daarna snel achteruit en hij overlijdt op 18 januari 1875, net geen 56 jaar oud.

1928 – The Carter Family

Ook Alvin Pleasant Delaney Carter (°1891) – A.P. voor de vrienden – is al jong gepassioneerd bezig met muziek. Zijn vader leert hem fiddle spelen en van zijn moeder leert hij vele oude Britse en Appalachian folksongs. Als jongeman vormt hij met twee ooms en een oudere zus in een gospelkwartet.
Maar met zijn rusteloze aard kan hij niet lang blijven in de Clinch Mountains van Virginia. Hij wil de wereld zien. Spoorlijnen leggen in Indiana blijkt toch niet zo spannend en in 1911 is hij weer thuis. Als verkoper van fruitbomen kan hij veel rondtrekken. Dat geeft hem de mogelijkheid om overal waar hij komt, op zoek te gaan naar nieuwe songs, die hij netjes noteert in een schrift.
Op een van zijn tochten vindt hij nog iets anders: Sara Dougherty (°1898) , een jong meisje dat betoverend mooi kan zingen en muziek spelen: autoharp, gitaar en banjo. Na hun huwelijk in 1915 vormen ze een zangduo en spelen ze overal waar ze worden gevraagd: op feestjes en religieuze bijeenkomsten.

In juli 1927 trekt een advertentie in The Bristol Herald de aandacht van A.P.: The Victor Talking Machine Company houdt audities voor muzikanten. Voor elk nummer dat wordt opgenomen biedt men $50 – zowat een maandloon.
Bristol, Tennessee is slechts 40 km vanuit Maces Springs, Virginia, waar de Carters wonen. Ezra, de jongere broer van A.P., wil hen wel zijn auto lenen. Zijn 8-maanden zwangere vrouwtje, Maybelle Addington (°1909) mag ook mee, om het duo te ondersteunen met haar gitaar. Maybelle heeft een hoogst originele manier van spelen: terwijl ze de melodie speelt op de bassnaren van haar gitaar, geeft ze het ritme aan met de hoge tonen. Hierdoor vormt de gitaar tegelijktijd het solo- als het ritme-instrument. Een stijl die decennia lang de toonaangevende gitaarstijl zal vormen en bekend staat als ‘Carter picking’.

De combinatie van Sara’s heldere tenor met het unieke gitaarspel van Maybelle zorgt ervoor dat The Carter Family er boven uitspringt bij de hoopvolle kandidaten. De talentenjager Ralph Peer is immers op zoek naar “iets anders, iets nieuws”. Countrymuziek – of zoals het toen heette: old-timemusic of mountainmusic – bestond toen immers vooral uit instrumentale fiddlemuziek.

Peer selecteert zes nummers uit het repertoire van het trio. Die worden op 2 augustus 1927 opgenomen, met mobiele apparatuur in een provisorisch ingericht warenhuis.

De beide 78 toeren plaatjes die Victor Records er van uitbrengt, slaan aan en The Carter Family krijgen een contract aangeboden. Voor de volgende opname moeten ze wel naar de studio komen, in Camden, New Jersey. Een hele trip vanuit het zuidwesten van Virginia: 800 km.

Op 9 en 10 mei 1928 nemen ze er een dozijn songs op: genoeg voor zes singles. ‘Keep On The Sunny Side’ zit daarbij, ‘John Hardy Was A Desperate Little Man’ en ‘Wildwood Flowers’.

Dat laatste nummer begint met de regels:

Oh, I’ll twine with my mingles and waving black hair,
With the roses so red and the lilies so fair,
And the myrtle so bright with the emerald dew,
The pale and the leader and eyes look like blue

Een opvallende gelijkenis is merkbaar met de eerste strofe van een 70 jaar oude song: ‘I’ll Twine ‘Mid The Ringlets’.

I’ll twine ‘mid the ringlets of my raven black hair
The lilies so pale and the roses so fair
The myrtle so bright with an emerald hue
And the pale aronatus with eyes of bright blue.

Tijdens een interview in 1973, verklaart Maybelle Carter: ‘Ik ken het nummer uit mijn jeugd. Mijn moeder zong het en haar moeder zong het. Het werd doorgegeven van generatie op generatie. […] Op een gegeven moment moeten de woorden wat door elkaar gehaspeld zijn. Er moet oorspronkelijk wat anders hebben gestaan, want [zoals ze nu zijn] betekent het niet veel.’

Het copyright op ‘I’ll Twine ‘Mid The Ringlets’ ‘is in 1902 verlopen. Hoewel het dus strikt genomen in ‘Public domain’ is, vermeldt het label ongegeneerd A.P. Carters naam als enige auteur. Ongetwijfeld zit Ralph Peer daar voor iets tussen. Hij is immers een gewiekst zakenman: bij zijn toetreden tot de platenmaatschappij heeft hij zijn jaarloon beperkt tot $1, op voorwaarde dat hij de manager en muziekuitgever wordt van al zijn artiesten. Hij beseft, als een van de eersten, dat de echte winst zit in de auteursrechten. Wanneer er van ‘Wildwood Flower’ 300 000 exemplaren worden verkocht, is dat vooral goed voor Southern Music Publishing Co., Inc en dus de bankrekening van Ralph Peer.

The Carter Family zelf moet het vooral hebben van optredens. Maar daar komt de Grote Depressie roet in het eten gooien. Door de financiële crisis worden veel concerten afgezegd en weldra valt The Carter Family uit elkaar, wanneer elk zijn eigen weegs zoekt. De vrouwen brengen hun kinderen groot en A.P. verhuist naar Detroit om daar te gaan werken.

Toch is de pure, eenvoudige samenzang van de beide vrouwen de blauwdruk voor vele familiegroepen in de jaren ’30 en ’40. Ook in de latere folk, bluegrass en rockmuziek blijft hun invloed doorklinken, met ‘Wildwood Flower’ als één van hun gekendste nummers en, als instrumentaal nummer, een standaard voor gitaristen.

(wordt vervolgd)

Advertenties