Opname:
– 10 augustus tot 22 september 1973, in de EMI Studio in Apapa, Nigeria
– 7 tot 19 oktober 1973 in de AIR Studios, Londen

Uitgebracht:
26 oktober 1973 (Engeland), 12 november 1973 (Verenigde Staten) – Paul McCartney & Wings single: ‘Helen Wheels’

5 december 1973: Paul McCartney & Wings elpee Band On The Run
kant 1: ‘Band On The Run’, ‘Jet’, ‘Bluebird’, ‘Mrs. Vandebilt’, ‘Let Me Roll It’
kant 2: ‘Mamunia’, ‘No Words’, ’Helen Wheels’ (enkel in de VS), ‘Picasso’s Last Words’, ‘Nineteen Hundred And Eighty Five’

28 juni 1974: Paul McCartney & Wings single b-kant: ‘Zoo Gang’
26 oktober 1998: Linda McCartney cd Wide Prairie: ‘Oriental Nightfish’

Band on the Run

In de zomer van 1973 informeert Paul McCartney bij de platenfirma naar de mogelijkheid om eens een plaat te gaan opnemen in een ander land. De directe aanleiding hiervoor is … het Britse belastingstelsel.
‘We moesten in het buitenland gaan opnemen,’ verduidelijkt hij later. ‘Ik moet de liedjes ook in het buitenland schrijven. Anders roept de regering: dit is een Britse plaat, alle geld moet terugkeren naar Groot Brittannië. Ik zit dan in een belasting schaal van 98%. Ik krijg 2% en de regering 98%. Ik bedoel, ik vind het niet leuk dat [een vreemde ] regering 30 cent krijgt en ik 70 cent, maar dat is nog altijd beter dan maar 2 cent krijgen.‘

Het blijkt dat EMI beschikt over studio’s verspreid over de hele wereld: Bombay, Rio de Janeiro, Peking, Lagos.
Dat laatste lijkt hem wel iets. Nigeria, aan de Afrikaanse westkust… overdag lekker luieren in de zon en ’s avonds rustig werken. ‘Denk eens aan al die wilde ritmes en dingen, daar,’ vertelt hij enthousiast aan Denny Laine. ‘Dat wordt fantastisch. Zeker weten.’

In juli, na afloop van de Britse zomertournee van Wings, trekt de familie McCartney naar de farm in Schotland. Paul en Linda werken er samen aan nummers voor de geplande elpee.
Aan het einde van de maand krijgen ze bezoek van Denny Laine en Henry McCullough. Bedoeling is om de pas geschreven songs vast leggen in demo’s, in de Rude Studio.

Het wordt al snel duidelijk dat de ‘Wings is een groep’ gedachte ten grave is gedragen met het verschijnen van het gereduceerde Red Rose Speedway. Paul heeft alle songs zelf geschreven. Enkel ‘No Words’ vormt een uitzondering. Het is een ouder nummer van Denny Laine, dat door Paul is afgewerkt.

Wanneer Paul voorstelt hoe hij de gitaarsolo ziet, komt het tot een aanvaring met Henry McCullough. ‘Hij vond het maar niks’, vertelt Paul, ‘en beweerde dat het niet te doen was. Ik kan zelf ook wat gitaar spelen en in plaats van het zo te laten, deed ik het hem voor.’
De gitarist stormt de repetitieruimte uit. ‘Een paar dagen later belde hij me op en zei dat hij uit de groep stapte. Ik dacht: het zij zo. Typisch een muzikaal meningsverschil, dus.’

Denny Laine meent dat Henry de eerste, de beste aanleiding aangreep om de band te verlaten. ‘Hij stapte er uit omdat hij genoeg verdiend had. Hij hield er een huis en een auto aan over en vond het tijd om het wat rustig aan te doen. Hij stond niet graag in de spots. Dat was niks voor hem.’

In 1997 geeft McCullough zelf zijn visie op zijn vertrek, in het muziektijdschrift Mojo. ‘Het was niet eens een echte ruzie. Het was meer zoiets van: ach laat het, ik ben hier weg. Er werd niet geroepen of zo. Dat werd allemaal opgeblazen in de pers. Ik zou een revolver bovengehaald hebben, of hem met een fles op het hoofd hebben geslagen… Echt, man!
Diep van binnen wisten we dat het tijd was voor mij om te vertrekken en hij liet me de keuze om het tijdstip te bepalen.
Een paar maanden later belde hij me op […] en nodigde me uit, in zijn studio aan Soho Square. “We hebben een andere visie,” zei hij, “maar ik vond het fijn om je in de band te hebben. Ik zou je graag dit geven.” En hij gaf me een dikke cheque en een gitaarkist vol snaren. […] Ik kan niet genoeg benadrukken wat een gentleman hij is. Mensen die hem niet kennen, zien vaak alleen zijn folietjes; zijn ‘Mary Had a Little Lamb’ dingetjes en zo. Maar zelf dan moet je gewoon van de man houden: een briljant zakenman, een briljant muzikant en een verdomd goeie vent.’

De dag voor het vertrek, laat ook de drummer weten dat Wings maar zonder hem verder moet. Hij ziet het niet zitten om vanuit zijn thuisbasis New York, lid te blijven van een band in Engeland. ‘Denny belde ons op, vijf minuten voor we naar Lagos vertrokken om er te gaan opnemen,’ vertelt Linda. ‘Hij zei enkel: “Hey man, ik kan niet mee.” Ik denk dat hij niet naar Afrika wou.’

Paul en Fela

‘If I ever get out of here … ‘

Dus arriveert op 10 augustus een sterk gereduceerde groep in Ikeja, Nigeria: Paul en Linda McCartney met hun kinderen, Denny Laine, geluidstechnicus Geoff Emerick en twee roadies.
Paul heeft er twee huizen hebben gehuurd: één voor hem en zijn familie en één voor de vier mannen.

Het blijkt er niet helemaal zoals ze hadden verwacht. ‘We dachten: Afrika – lekker warm, altijd zon, vakantie!’ grinnikt Paul. ‘Maar het was helemaal geen plaats om met vakantie te gaan. Het is er heet en tropisch, maar je hebt er moessons. We arriveerden er aan het einde van het regenseizoen en er waren voortdurend tropische stormen. De stroom viel regelmatig uit en het stikt er van de insecten. […] Vooral onze geluidstechnicus , de man die Sgt Pepper en Abbey Road heeft gedaan, haat die beesten. Dus hebben de mannen een spin in zijn bed gestopt. Het was er een beetje zoals op kamp met de scouts.’

De studio ligt in Wharf Road, in de buurt van Apapa – op een uur rijden vanuit Ikeja. Daar blijken de omstandigheden beneden alle verwachtingen: de opnameapparatuur bestaat uit één Studer 8-sporen recorder en één vervallen mengpaneel. De microfoons liggen in een kartonnen doos in een berghok.

Paul was van plan om wat lokale muzikanten willen inhuren: blazers en percussie. Daarom gaan ze een paar optredens bekijken. Hij is vooral erg onder de indruk van Fela Ransome-Kuti. Maar die is er niet mee opgezet en beschuldigt Paul er van de Afrikaanse muziek te willen uitbuiten.

Dus houden ze het onder hun drietjes. Voor de basistracks neemt Paul zelf plaats achter het drumstel, terwijl Denny de slaggitaar voor zijn rekening neemt. Daarop bouwen ze voort met bas en sologitaar, aangevuld met Linda’s toetsen.
Zes weken werken ze zo, elke werkdag vanaf 3 uur in de namiddag tot 10 uur ’s avonds of als het nodig is wel eens tot 3 uur ’s nachts. Tijdens de weekends is er tijd om te rusten en uitstappen te maken.

Op een avond worden Paul en Linda overvallen door vijf mannen met messen. Alles van waarde, inclusief de cassette met de demo’s wordt hen afgepakt.
‘Bibberend wandelden we naar huis,’ vertelt Paul. ‘We hadden net een kopje thee gezet om wat te bekomen, toen de stroom uitviel. We dachten dat ze achter ons aan waren gekomen en de kabels hadden doorgesneden. Die nacht hebben we niet veel geslapen.
De volgende dag vertelden ze ons, in de studio, dat we as we ze zwarten waren geweest, ze ons zouden hebben vermoord. Maar, omdat ze weten dat blanken hen toch niet herkennen, hebben ze ons laten leven.’

Een paar dagen later wordt het Paul allemaal te veel. ‘Opeens werd hij lijkbleek,’ vertelt Geoff Emerick. ‘Met gebroken stem zei hij dat hij geen adem kreeg. Dus namen we hem mee naar buiten, voor wat frisse lucht… [maar] daar was het zo heet dat hij nog zieker werd.’
‘Ik voelde me opeens vreselijk’, vult Paul aan. ‘Ik kreeg een pijnscheut in de rechterzijde van mijn borst en stortte in. Ik kreeg geen lucht en verloor het bewustzijn.’
‘Linda begon hysterisch te schreeuwen’, gaat Geoff verder. ‘Ze dacht dat hij een hartaanval kreeg.’
Een er bij geroepen dokter raadt Paul enkel aan om wat te rusten en minder te roken. ‘Ik ging door een hel,’ meent hij. ‘Ik bleef een paar dagen in bed en dacht dat ik stervende was. Nooit heb ik zo’n schrik gehad. Het klimaat, de spanning om een plaat te maken die zou aanslaan en leven ver weg van de beschaving werden me teveel.’

Verder zijn er ook problemen met Ginger Baker die wil dat ze in zijn studio, in Ikeja, gaan opnemen. Om hem een plezier te doen, leggen ze daar één nummer vast: ‘Picasso’s Last Words (Drink To Me)’. De vroegere Cream drummer is ook te horen op de track: hij schudt met blikjes gevuld met steentjes, tijdens het “Hey-ho” einde. De songs is met opzet fragmentarisch, om een beeld op te roepen van de kubistische schilderijen van Picasso. Het onderwerp was dan weer het resultaat van een uitdaging van Dustin Hofman, die vroeg of Paul van om het even wat een song kon maken, bijvoorbeeld van de laatste woorden van de pas overleden schilder.

Na al die perikelen is het gezelschap opgelucht wanneer ze, op 23 september weer op Britse bodem aankomen.

Twee weken later beginnen Paul, Linda en Denny, in de Londense AIR studio aan het afwerken van de Nigeriaanse opnamen. De 8-sporen opnamen worden door Geoff Emerick overgezet naar 16-sporen. Howie Casey wordt gevraagd om sax te spelen op ‘Bluebird’ en ‘Mrs. Vandebilt’. Paul kent Howie nog uit de tijd dat the Beatles in Hamburg optraden, waar de saxofonist met de groep Derry And The Seniors ook speelde.
Voor de percussie wordt ene Remi Kabaka gevraagd. Toevallig blijkt hij afkomstig uit… Lagos.
Tony Visconti wordt gevraagd voor de arrangementen voor blazers en strijkers voor vijf nummers.

Ook worden nog twee nieuwe nummer opgenomen: ‘Jet’ en ‘Oriental Nightfish’. Dat laatste is een compositie van Linda.
Tenslotte worden de opnamen gemixt. Op 19 oktober is alles klaar.

Denny en Paul

Geen singles en hitsingles

Een week later al, op 26 oktober 1973, ligt ‘Helen Wheels’/’Country Dreamer’ in de winkels. De a-kant gaat over de land rover van de McCartney’s – Hell on wheels, weet je wel? De trip vanuit de boerderij in Schotland naar de thuisbasis wordt er mee beschreven: van Glasgow via Carlisle en Kendal, Liverpool, Birmingham naar Londen.
De b-kant is een overschotje van de Red Rose Speedway sessies.

In de Verenigde Staten moet men nog bijna een maand wachten. Daar verschijnt de single pas op 12 november. De single komt nergens hoger dan een tiende plaats.

Hoewel Paul de bedoeling had om geen singles uit de elpee uit te brengen, zet Capitol ‘Helen Wheels’ midden in kant twee van Band On The Run, op de Amerikaanse persingen. De plaat verschijnt er op 5 december. Het is daarmee de tweede elpee van Paul McCartney and Wings in 1973.
In Engeland ligt de plaat twee dagen later in de winkels, zoals door Paul bedoeld, dus zonder ‘Helen Wheels’.

De plaat wordt enthousiast onthaald door de muziekpers. In Rolling Stone roemt John Landau het als ‘De beste plaat uitgebracht door een van de vier muzikanten die ooit The Beatles werden genoemd.’

Toch valt de verkoop in eerste instantie tegen. Daarom stelt iemand bij Capitol voor om ‘Jet’ als single uit te brengen. ‘Kijk wat ‘Money’ gedaan heeft voor die plaat van Pink Floyd!’
Het powerpop-nummer, met ‘Let Me Roll It’ als b-kant verschijnt in februari 1974. Het bereikt een tweede plaats in de Amerikaanse hitlijst, maar strandt op 7 in Engeland.

Zoals wel vaker het geval met teksten van Paul heeft iedereen er het raden naar waarover het precies gaat. ‘Het betekent wat voor mij en de luisteraar hoort er ook wat in. Maar als je me vraagt om het te analyseren, kan ik je niet zeggen waar het over gaat. ‘Suffragette’ was gek genoeg om er wat mee aan te vangen. Het klinkt goed, dus vond ik het goed.’

‘Let Me Roll It’ lijkt dan weer een kopie/eerbetoon van het de rauwe sound die John Lennon op zijn Plastic Ono Band gebruikt, maar Paul ontkent dat.

Wanneer begin april het titelnummer in Amerika als single wordt uitgebracht vallen alle bedenkingen weg. Zowel de single als de elpee stoten door naar de top. Zoals wel vaker bij Paul, krijg je bij ‘Band On The Run’ drie songs voor de prijs van één. Dit keer zijn ze wel thematisch verbonden. De orkestrale link tussen deel een en deel twee komt uit de koker van Tony Visconti.

Einde juni verschijnt de single ook in Engeland, met als b-kant het instrumentale ‘Zoo Gang’. Daar zit er echter niet meer in dan een top 3 notering.

Band On The Run vormt de soundtrack van de zomer van 1974. Zowel in juni als in juli keert de plaat terug naar de top van de Amerikaanse hitlijsten. Alleen al in de Verenigde Staten gaan er zes miljoen exemplaren van de hand. Terecht roept Rolling Stone Band On The Run uit tot ‘plaat van het jaar’. Begin 1975 volgen nog twee Grammy onderscheidingen.
Ook in Engeland duurt het acht maanden eer de plaat aan de top komt, maar vanaf 27 juli blijft ze wel zeven weken bovenaan prijken.

Paul McCartney is helemaal terug!
Maar niet zoals hij had gedroomd, als ‘one of the boys’, de bassist van Wings. ‘Ik ben het buitenbeentje in deze groep’, zucht Denny Laine; ‘Wat mij betreft is Band On The Run hun elpee. We zijn geen groep meer. Ik ben eentje van de drie. Bij Wings voelde ik me meer deel van het geheel. Het zijn mijn songs niet. Ik was graag wat meer betrokken en had meer willen bijdragen. Ik droeg één nummer aan en Paul heft me geholpen bij het afwerken. Zo zou ik het liever meer zien.’

een promo sticker voor ‘Jet’

Advertenties